Dyslexie

Dyslexie is een stoornis op het gebied van lezen en/of spellen op woordniveau. Hierbij gaat het om ernstige en hardnekkige problemen die blijven bestaan ondanks extra geboden hulp op dit gebied.

In Nederland worden er twee betekenissen van dyslexie gehanteerd.De één is opgesteld door Stichting Dyslexie Nederland (SDN, 2008) en de andere definitie is opgesteld door Blomert (2006).
De definitie die Stichting Dyslexie Nederland hanteert gaat uit van een lees- en/of spellingsprobleem. Dit houdt in dat de dyslexie tot uiting zou kunnen komen op gebied van lezen, of op het gebied van spelling of op beide gebieden. Bij de definitie die is opgesteld door Blomert, wordt ervan uit gegaan dat dyslexie een leesprobleem is. Daarnaast kan er sprake zijn van spellingsproblematiek, maar er moet altijd sprake zijn van leesproblemen. Tevens wordt daarbij naar de “dyslexie indicatoren gekeken”. Dit zijn de fonologische vaardigheden (het herkennen en bewerken van afzonderlijke klanken), de benoemsnelheid (snel en goed kunnen benoemen van letters en cijfers) en de klank-tekenkoppeling (welke letter hoort bij welke klank en andersom).

De definitie van dyslexie zoals geformuleerd door Blomert (2006) wordt gehanteerd bij de vergoede dyslexieregeling. Sinds 2013 komen kinderen waarbij een vermoeden is van ernstige enkelvoudige dyslexie in aanmerking voor vergoeding van het onderzoek en de behandeling. Meer informatie hierover is te vinden op Masterplan Dyslexie.

Dysla levert géén vergoede dyslexiezorg. Echter, wanneer een kind niet voor de vergoedingsregeling in aanmerking komt, kan er nog steeds sprake zijn van dyslexie. Immers, alleen de érnstige variant wordt vergoed. Als er een vermoeden is van dyslexie moet aan school gevraagd worden een dyslexiedossier aan te leveren. Hierin wordt onder andere de achterstand aangetoond aan de hand van toetsen en de geboden hulp door middel van geëvalueerde handelingsplannen.  Als er sprake is van een achterstand en van voldoende geboden hulp, kan er een dyslexieonderzoek plaatsvinden.

Een dyslexieonderzoek bestaat uit een onderzoek naar de cognitieve capaciteiten, onderzoek op didactisch gebied (lezen en spelling) en onderzoek op aanvullende vaardigheden zoals de fonologie, benoemsnelheid, klank-tekenkoppeling maar ook het geheugen.