De puberteit en het bijbehorende puberbrein

De puberteit en het bijbehorende puberbrein

 

Elke leeftijd heeft weer andere uitdagingen, maar de puberteit is toch wel zeer bijzonder. Je ziet je kind opgroeien tot (jong)volwassene. Terwijl je dat proces liefdevol mag aanschouwen, kan je puber tegelijkertijd het bloed onder je nagels vandaan halen… En dan tellen we even tot tien…en nóg maar een keer…. En soms ontsnapt er toch ook echt even een snauw, je bent nu eenmaal niet van steen. Om er vervolgens weer spijt van te hebben, mede omdat je lieve schattige puber daar weer in het kwadraat op reageert…. Maar wat zit hier nu eigenlijk allemaal achter? Maak kennis met… het puberbrein.

Puberteit vs. Adolescentie

Eerst even wat helderheid scheppen. Er zit een verschil tussen de termen “puberteit” en “adolescentie” . De natuur wil tijdens de puberteit zorgen voor een seksuele volwassenwording. De puberteit moet gezien worden als een onderdeel van de adolescentie. De adolescentie staat namelijk voor het hele proces tot volwassenwording. Hier is de puberteit dus slechts een klein onderdeel van. De puberteit loopt ongeveer van 10 tot 15 jaar, de adolescentie loopt door tot een jaar of 25. Het brein is dan ook volop in ontwikkeling tot het 25e levensjaar.

Ontwikkeling van het puberbrein

“Het puberbrein” is een veel gebruikte term. Dat is ook niet voor niets. Tijdens de puberteit gebeurt er zo ontzettend veel in de hersenen. Om te beginnen worden er allerlei hormonen (extra) afgegeven waardoor er veranderingen in bepaalde hersengebieden kunnen plaatsvinden. De veranderingen omvatten het aanleggen van nieuwe verbindingen, overbodige verbindingen afbreken en de communicatie tussen de verschillende hersenstructuren verbeteren. Ik zal de belangrijkste ontwikkelingen langs gaan om zo beter inzicht te krijgen in het puberbrein.

Prefrontale Cortex

Tijdens de puberteit is met name de prefrontale cortex volop in ontwikkeling. Dit ligt in het voorste gedeelte van de hersenen. Dit gebied is onder andere verantwoordelijk voor het reguleren van andere hersengebieden, maar ook planning, organisatie en impulscontrole. Hmmm… dat klinkt bekend in combinatie met de puberteit. Met name in negatieve zin dan… Waar eerst ouders van baby af aan al zorgen voor een dagritme en –planning, het reguleren en hanteren van grenzen zodat zoon- of dochterlief niet uit de ban springt, gaat het puberende brein daar zelf over nadenken. Hiermee zet de puber zich af tegen de ouders. Deze prefrontale cortex blijft zich door ontwikkelen tot ver in de adolescentie.

Gevoeligheid voor beloningen

“Gevoelig voor beloningen? Een puber?!”  Jazeker. Misschien kan je je het soms niet voorstellen als je een schijnbaar gedesinteresseerde 14-jarige tegenover je hebt, maar…. Uit onderzoek is gebleken dat pubers een verhoogde gevoeligheid in de hersenen hebben voor beloningen. Rond de leeftijd van 14/15 kent dit gebied een piek. Interessant is ook dat deze ontwikkeling in de zogenaamde “beloningsgebieden” voor loopt op andere gebieden. Bijvoorbeeld op het gebied dat zorgt voor de impulsbeheersing. Hierdoor weegt de beloning die pubers krijgen bij het nemen van een risico vaak zwaarder dan de mogelijke negatieve consequenties. Het risico zoekend gedrag kan op een bepaalde manier dus gezien worden als een beloning. Het puberbrein krijgt daar een bepaalde kick van, net als van (de juiste) beloningen. Het is overigens niet zo dat pubers niet in staat zijn om risico’s juist in te schatten. Het vooruitzicht van een beloning, bijvoorbeeld aanzien bij vrienden krijgen, weegt gewoonweg zwaarder. Overigens heeft het risico zoekend gedrag nog een andere functie, namelijk nieuwe ervaringen creëren. En van nieuwe ervaringen, ook van “foute” beslissingen, leer je.

Invloed van de peergroep

Bij pubers speelt de “peergroep” een belangrijke rol. Leeftijdsgenoten en “erbij horen” zijn in deze fase erg belangrijk. Maar dat wisten we eigenlijk al…. Echter, dit is ook terug te zien in de hersenen. Het puberbrein blijkt een hypergevoeligheid te hebben voor sociale uitsluiting. Een puber hecht dus veel meer waarde aan de zogenaamde “peergroep” dan voorheen, waarmee ze ook gevoeliger zijn voor groepsdruk. Dit betekent dat de omgeving ontzettend belangrijk is voor een puber. Hier reageert en anticipeert het puberbrein op en leert daarmee. Een peergroup zorgt voor sociale acceptatie wat o zo belangrijk is voor de ontwikkeling. Hierdoor wordt er geleerd om- en hoe ervaringen en gevoelens te delen, maar ook hoe conflicten op te lossen. Het grappige is, is dat het brein door de peergroup ook leert om met groepsdruk om te gaan. Met andere woorden: het puberbrein leert hierdoor ook “nee” te zeggen. Sociale uitsluiting, ofwel isolatie van de peergroup brengt weer andere problemen met zich mee voor het puberende brein. Hierdoor wordt het brein niet voldoende in staat gesteld om te leren van leeftijdsgenoten. Daarmee zou het kunnen zijn dat een puber onvoldoende voor zichzelf leert opkomen en hoe het conflicten moet oplossen. Maar daarmee kan ook de zelfwaardering uitblijven. Je leert jezelf immers, mede, in relatie tot anderen kennen en vormgeven.

Pubers en beslissingen nemen

Nog een interessante Ted-talk van Adriana Galván over hoe een tienerbrein beslissingen neemt.

Onrijp brein? Eerder een combinatie van factoren…

Vraag een puber een feestje te organiseren en het is zo geregeld. Maar huiswerk maken? Kamer opruimen?! Zeer oninteressant en daardoor regelmatig moeilijk uitvoerbaar. Er is dus niet alleen sprake van een onrijp brein waardoor planning en organisatie vaak lastig is. Motivatie en acceptatie van de peergroup spelen ook een belangrijke rol. Met andere woorden: het een misvatting om het alleen over een “onrijp brein” te hebben. Dat problemen op het gebied van impulscontrole, emotieregulatie, planning etc. slechts komen door een brein dat nog niet volop ontwikkeld is, is dus niet geheel waar. In de puberteit is er sprake van een combinatie van factoren: de verdere ontwikkeling van de prefrontale cortex, de invloed van de hormonen en de gerichtheid op sociale contacten, oftewel de invloed van de peergroep, en de gevoeligheid voor beloningen. Dit tezamen zorgt voor, het soms onnavolgbare, gedrag van een puber.

En wat kunnen we nu met deze kennis?

Tja, het is allemaal leuk en aardig dat we nu weten hoe een en ander in elkaar steekt… maar nu zitten we nog steeds met die “lastige” puber. Wat kunnen we hier nu mee?

Allereerst weten we dus dat bij pubers positieve feedback beter werkt dan negatieve feedback. Pubers zijn gevoelig voor beloningen. Het vooruitzicht op erkenning en waardering stimuleert al. Geef een puber mogelijkheden om trots op te zijn. Toon oprechte interesse en geef erkenning voor hun mogelijkheden en talenten.

Daarnaast weten we dat pubers heel hard bezig zijn met het zelfstandig leren en plannen, anticiperen en probleemoplossen. Met nadruk op zelfstandig! Een puber wil het zelf doen. Met andere woorden zoek naar de ” zone van de naaste ontwikkeling”. Een bekend begrip in onderwijsland. Het betekent dat we net een klein beetje meer vragen van een kind dan waar het nu zit in de ontwikkeling. Dus niet overvragen en zeker niet ondervragen, maar net een beetje meer. Hierdoor stimuleer je een kind naar de volgende stap.

Heel belangrijk is ook: blijf communiceren! Wetende dat risico zoekend gedrag en groepsdruk een belangrijke rol spelen in het puberleven, is het wenselijk om in gesprek te blijven. Er zijn zeker regels en grenzen en praat daarover. Niet zozeer op een dwingende manier (iets met pubers en aversie tegen autoriteit), maar op een manier waardoor je in gesprek bent met elkaar.

Tot slot… er bestaan geen magische tips en trucs die altijd werken. Elke puber is weer anders. Met het bovenstaande is hopelijk wat begrip en inzicht gekomen of misschien bevestiging. Maar uiteindelijk zullen de pubers en ouders tot een nieuwe balans moeten komen. En dat is iets wat een gezin samen moet doen.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*